Nieuwsbericht NOW 6 en TVL 1e kwartaal 2022

 

NOW 6

Sinds gisteren, maandag 14 februari 2022, heeft het UWV de mogelijkheid geopend om de aanvraag in te dienen van de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor behoud van Werkgelegenheid achtste periode (NOW 6).

Hiervoor heeft u geen eHerkenning of andere vorm van authenticatie en autorisatie nodig. Wel uw loonheffingennummer.

NOW 6 kan vanaf 14 februari 2022 tot en met 13 april 2022 worden aangevraagd en voorziet in tegemoetkoming op de loonkosten van 1 januari tot en met 31 maart 2022.

Voorwaarde om in aanmerking te komen voor de NOW 6-tegemoetkoming is dat de netto omzet januari tot en met maart 2022 gemiddeld minimaal 20% lager is dan de gemiddelde netto omzet in 2019. De overheid heeft ervoor gekozen om als gemiddelde omzet 2019 de totale netto omzet 2019 te delen door 4 zodat je een gemiddelde omzet over 3 maanden hebt.

Mocht blijken dat het opgegeven percentage omzetverlies in de aanvraag te laag is, dan kunt u dit binnen 6 weken nadat u de beslissingsbrief van UWV ontvangen heeft alsnog verhogen. Neem daarvoor contact op met UWV Telefoon NOW via 088 – 898 20 04.

Indien er sprake is van een concern kan onder voorwaarden voor een afzonderlijke rechtspersoon of vennootschap de omzetdaling bepaald worden.

Belangrijkste veranderingen/aandachtspunten aanvraagperiode NOW 6:

  • De tegemoetkoming is voor de maanden januari, februari en maart 2022.
  • De loonsom mag met 15% dalen ten opzichte van de loonsom oktober 2021 zonder dat dit ten koste gaat van de definitieve tegemoetkoming.
  • De tegemoetkoming bedraagt maximaal 85% van de loonkosten gebaseerd op de loonsom oktober 2021 en over maximaal 90% omzetverlies.
  • Inspanningsplicht om uw werknemers te begeleiden naar ander werk bij voornemen beëindigen arbeidsovereenkomst of niet voortzetten van arbeidsovereenkomst.
  • Als u een aanvraag doet voor bedrijfseconomisch ontslag tussen 1 januari en 31 maart 2022, dan heeft u ook de plicht dit te melden via UWV Telefoon NOW. U kunt dit melden tot en met 13 april 2022. Bij uitblijven van een melding zal 5% korting op de tegemoetkoming worden toegepast.

De tegemoetkoming wordt gebaseerd op de loonsom waarover de werknemersverzekeringen worden afgedragen, het SV-loon. De tegemoetkoming wordt vervolgens verhoogd met een opslag van 30% voor de kosten vakantiegeld, pensioenpremies en premies werknemersverzekeringen.

Om het voorschot te berekenen gaat het UWV uit van de loonsom oktober 2021. Indien achteraf bij de definitieve berekening de loonsom van januari tot en met maart 2022 lager blijkt te zijn dan de loonsom van oktober 2021, dan wordt het subsidiebedrag ook lager. De overheid hoopt hiermee dat de salarissen van de flexibele krachten ook doorbetaald worden tijdens de crisis. Een hogere loonsom in de maanden januari tot en met maart 2022 zal overigens niet leiden tot een hogere vaststelling van de subsidie.

Het UWV betaalt de tegemoetkoming in drie termijnen uit. Ze streven ernaar om 2 tot 4 weken nadat de aanvraag is goedgekeurd de eerste betaling te doen. Het voorschot bedraagt 80% van het verwachte subsidiebedrag.

Mocht u van ons kantoor ondersteuning nodig hebben voor het aanvragen van de subsidie dan verzoeken wij u contact met ons op te nemen.

 

TVL 1e kwartaal 2022

De Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) is een subsidie voor mkb-ondernemers en zzp’ers die door de coronacrisis veel omzet verliezen en daardoor in de problemen komen met het betalen van hun vaste lasten. Vaste lasten zijn doorlopende vaste kosten voor een onderneming, zoals huur, pacht, onderhoud, verzekeringen, vaste leasecontracten, afschrijvingen van apparatuur en abonnementen. Het kabinet heeft vanwege de aanhoudende impact van coronamaatregelen besloten om in het 1e kwartaal van 2022 de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) open te stellen voor ondernemers.

Voor de TVL gelden de volgende (standaard) voorwaarden.

  • Het bedrijf heeft meer dan 30% omzetverlies in het 1e kwartaal 2022 vergeleken met het 1e kwartaal 2019 óf het 1e kwartaal 2020.
  • Het bedrijf stond op 30 juni 2020 geregistreerd in het handelsregister van de Kamer van Koophandel.
  • Minimaal één vestiging van het bedrijf heeft een ander adres dan het privéadres van de eigenaar/eigenaren. Hiervan zijn uitgezonderd ambulante handel, taxivervoer, auto- en motorrijscholen, kermisattracties, etc.
  • Het minimumbedrag van de berekende vaste lasten van een bedrijf bedraagt € 1.500 per kwartaal.

De precieze datum voor het aanvragen voor de periode 1 januari tot en met 31 maart 2022 (TVL Q1 2022) is nog niet bekend. Als u verwacht te voldoen aan deze voorwaarden kunnen wij voor u deze subsidie aanvragen. Graag ontvangen wij dan terugkoppeling van u met de verwachte omzet over het 1e kwartaal 2022 en – indien u zelf de aangifte omzetbelasting verzorgt – de btw-aangifte(n) van januari tot en met maart 2019 én januari tot en met maart 2020.

Nieuwsbericht wijzigen 2021

Onlangs heeft het kabinet de nieuwe voorgenomen belastingplannen voor 2021 bekend gemaakt. Wij hebben voor u de belangrijkste fiscale maatregelen op een rij gezet zodat u kunt bekijken wat de impact is voor uzelf of uw onderneming.

 

UBO-register

Vanaf 27 september 2020 en uiterlijk 27 maart 2022 moeten (niet-beursgenoteerde) bv’s en nv’s, stichtingen, vennootschappen onder firma en enkele andere minder voorkomende organisaties zich inschrijven in het UBO-register. UBO staat voor “ultimate beneficial owner” (de “uiteindelijke belanghebbende”). Dit is de persoon die de uiteindelijke eigenaar is of de uiteindelijke zeggenschap heeft over een onderneming, stichting of vereniging. Het doel van dit UBO-register is om financieel-economische criminaliteit tegen te gaan. De UBO-opgave voor het UBO-register kan ingevuld worden via de website van de Kamer van Koophandel.

 

Overdrachtsbelasting

Het nu geldende tarief van de overdrachtsbelasting bedraagt 2% voor woningen en 6% voor alle andere onroerende zaken. In het belastingplan 2021 wordt hier een wijzing op toegepast. Kopers van 18 tot 35 jaar betalen dan geen overdrachtsbelasting meer wanneer zij hun eerste huis kopen en dit ook gaan bewonen. Voor kopers die niet aan deze voorwaarde voldoen maar wel een huis kopen en dit ook gaan bewonen blijft het verlaagd tarief van 2% in stand. Voor alle andere kopers geldt het nieuwe algemene tarief van 8%.

 

Box 3

Het heffingsvrij vermogen (het vermogen waarover geen vermogensrendementsheffing wordt berekend) wordt in 2021 verhoogd van € 30.846 per persoon in 2020 naar € 50.000 per persoon in 2021. Afhankelijk van de hoogte van het vermogen wordt hierover een fictief rendement berekend. Over dit rendement wordt 31% belasting berekend (tegenover 30% in 2020).

 

Zelfstandigenaftrek

De zelfstandigenaftrek (voor ondernemers die voldoen aan het urencriterium) wordt in 2021 verder afgebouwd van € 7.030 in 2020 naar € 6.670 in 2021. Vanaf 2021 daalt de zelfstandigenaftrek in zeven stappen van € 360, één stap van € 390 en acht stappen van € 110 naar € 3.240 in 2036.

 

Vennootschapsbelasting

Het lage vennootschapsbelastingtarief wordt verlaagd van 16,5% naar 15% in 2021. Ook wordt deze schijfgrens verhoogd van € 200.000 in 2020 naar € 245.000 in 2021. In 2022 wordt deze schijfgrens nogmaals verhoogd tot een winst van € 395.000. Het hoge vennootschapsbelastingtarief wordt niet verlaagd en blijft 25%.

 

Corona

Ook in 2021 blijven er diverse coronasteunmaatregelingen in stand zoals bijvoorbeeld de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkgelegenheid (NOW), de vergoeding voor ondernemers met personeel met een omzetverlies tenminste 30%, de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL), voor ondernemingen in specifieke sectoren die het meest geraakt zijn door de overheidsmaatregelen rond het coronavirus en de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) voor zelfstandig ondernemers (waaronder zzp’ers) wiens inkomen door de coronacrisis is gedaald tot onder het sociaal minimum.

 

Nieuwsbericht wijzigingen 2020

 

Nieuwe kleineondernemingsregeling (OVOB)

De nieuwe kleineondernemersregeling van de Belastingdienst kan een oplossing zijn voor ondernemers met een omzet tot € 20.000 per jaar. Dan kunt u aanspraak maken op de regeling waardoor u geen btw meer hoeft te berekenen aan uw klanten. U krijgt dan ook geen omzetbelasting meer terug. Daarnaast hoeft u ook geen aangifte meer te doen bij de Belastingdienst.

U hoeft uw klanten dan in principe ook geen facturen meer te sturen. Als klanten toch graag een factuur willen moet u daarop vermelden dat er een vrijstelling van toepassing is.

U moet zich van tevoren voor deze regeling aanmelden. Dit moet u minimaal 6 weken voor het einde van een tijdvak te doen. Wilt u vanaf 1 januari 2020 de regeling toepassen dan dient dit uiterlijk 20 november te gebeuren.

Degenen die dat doen zijn voor minimaal drie jaar gevrijwaard van het doen van btw-aangifte, tenzij de omzet in een kalenderjaar hoger wordt dan € 20.000. Zelf tussentijds stopzetten is niet mogelijk.

De nieuwe KOR geldt ook voor rechtspersonen, zoals bv’s.

 

UBO-register (Ultimate Benificial Owner)

Op grond van Europese regelgeving zal begin 2020 het UBO-register worden ingevoerd. Iedereen die tenminste 25% economisch belang of zeggenschapsbelang heeft in een entiteit, dient te worden opgenomen in dit register.

De Kamer van Koophandel gaat het register beheren en vullen. Nederland heeft gekozen voor een semi-openbaar register. Iedereen kan dit inzien, mits hij/zij naam en wachtwoord achterlaat.

De entiteiten die onder deze wetgeving vallen zijn: B.V.’s, niet beursgenoteerde N.V.’s, coöperaties, stichtingen, onderlinge waarborgmaatschappijen, verenigingen, maatschappen, C.V.’s, V.O.F.’s en rederijen.

 

Dividend

Met ingang van 1 januari 2020 gaat het box 2-tarief naar 26,25%. Op 1 januari 2021 stijgt dit door naar 26,9%. Zeker als een directeur-grootaandeelhouder (forse) schulden heeft aan zijn/haar B.V., is het zeker te overwegen om dit jaar nog dividend uit te keren, nu het tarief nog 25% bedraagt.

 

Pensioen in eigen beheer

Tot uiterlijk 1 januari 2020 kan het pensioen in eigen beheer worden afgekocht of worden omgezet in een ODV.

Mocht u op dit moment nog geen keuze hebben gemaakt laat u informeren door onze medewerkers.

 

Alimentatie

Met ingang van 1 januari 2020 gaan de regels omtrent alimentatie veranderen. Nu geldt als wettelijke termijn voor partneralimentatie een periode van 12 jaar. Dat verandert naar de helft van het aantal huwelijkse jaren met een maximum van 5 jaar. Hierop gelden 2 uitzonderingen:

  1. Als er kinderen zijn van jonger dan 12 jaar, dan wordt de termijn maximaal 12 jaar;
  2. Bij een huwelijk langer dan 15 jaar, met een leeftijdsverschil van ten hoogste 10 jaar, geldt een duur van maximaal 10 jaar.

Voor kinderalimentatie blijven de regels ongewijzigd.

 

BTW op zonnepanelen

Dat btw op aanschaf zonnepanelen voor particulieren in de regel aftrekbaar is, is bekend.

Inmiddels zijn er rechtelijke uitspraken die bevestigen dat de btw op de kosten van een dakconstructie bij een nieuwbouwwoning ook aftrekbaar kan zijn als hier zonnepanelen op geplaatst worden. Het financiële belang kan in die gevallen fors toenemen.

 

Rente op eigenwoninglening binnen familie

Onlangs is uit een uitspraak van de rechtbank Den Haag gebleken dat de rente op een eigenwoninglening binnen familie niet substantieel kan afwijken van een vergelijkbare marktrente. Bij een te hoge rente kan de inspecteur stellen dat de te hoge rente niet voor aftrek in aanmerking komt.

 

Nieuw btw-identificatienummer voor eenmanszaken

In de maand oktober heeft de Belastingdienst eigenaren van eenmanszaken aangeschreven inzake een nieuw btw-id. In het nieuwe btw-id is het BSN van de ondernemer niet langer verwerkt. Zo wordt de privacy van de ondernemer beter gewaarborgd. Het nieuwe btw-id gaat in vanaf 1 januari 2020. Vanaf deze datum moeten eigenaren van eenmanszaken dit nieuwe btw-id op hun verkoopfacturen, hun website en alle overige uitgaande correspondentie vermelden. Ondernemers houden hun huidige btw-nummer voor communicatie met de Belastingdienst en voor de btw-aangifte.

 

Nieuwe inlog voor de btw-aangifte bij de Belastingdienst.

Op den duur zal de Belastingdienst overgaan van het oude portaal naar Belastingdienst Zakelijk voor het indienen van de aangifte omzetbelasting. In het oude portaal kan ingelogd worden met een gebruikersnaam en wachtwoord. Bij Belastingdienst Zakelijk kan ingelogd worden met DigiD voor eenmanszaken of eHerkenning voor overige bedrijfsvormen. De Belastingdienst zal ruim van tevoren aangeven wanneer de definitieve overgang zal plaatsvinden.

 

Wet arbeidsmarkt in balans (WAB)

Per 1 januari 2020 wordt zowel het arbeidsrecht als het sociaal zekerheidsrecht aangepast. Het doel hiervan is om meer balans te brengen in de arbeidsmarkt, waarbij de belangen van zowel werkgevers als werknemers meegewogen worden. De WAB kent de volgende wijzigingen:

 Transitievergoeding:
Vanaf de eerste werkdag heeft de werknemer recht op één derde maandsalaris per gewerkt jaar indien het dienstverband op initiatief van de werkgever wordt beëindigd. Bij onvolledige dienstjaren is de berekening naar rato.

 Ketenregeling:
Vanaf 1 januari 2020 kunnen maximaal 3 tijdelijke arbeidsovereenkomsten gesloten worden met een totale duur van 3 jaar.

 Ontslaggronden:
Op dit moment is het zo dat werkgevers bij een ontslagaanvraag dienen te kiezen voor één ontslaggrond welke op zichzelf voldoende aanleiding moest zijn tot een ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Vanaf 1 januari 2020 mogen werkgevers een ontslagaanvraag motiveren op basis van meer dan één ontslaggrond tegelijk.

Oproepovereenkomsten:
Oproepkrachten dienen minimaal 4 dagen van tevoren te worden opgeroepen. Als de oproep later plaatsvindt dan heeft de oproepkracht niet de plicht om te komen werken. Indien de werkgever binnen 4 dagen voordat de oproepkracht dient te werken het schema verandert, dan heeft de oproepkracht recht op het loon dat de werkgever verschuldigd zou zijn conform de oorspronkelijke oproep.

De werkgever dient de oproepkracht welke minimaal 12 maanden aaneen in dienst is geweest een aanbod te doen voor het gemiddeld aantal uren in de afgelopen 12 maanden. Dit kan op basis van een tijdelijke of vaste arbeidsovereenkomst. Indien de werkgever verzuimt om binnen één maand dit aanbod te doen, dan heeft de oproepkracht automatisch recht op een salaris ter hoogte van dit aantal uren in het komende jaar. Voor de bewijslast is het dus belangrijk om het aanbod schriftelijk te doen. De oproepkracht is dan wel verplicht om die uren te werken en kan daardoor beslissen liever als oproepkracht in dienst te willen blijven. Ook dit dient dan schriftelijk vastgelegd te worden en door beide partijen ondertekend te worden. Let op: een oproepkracht welke op 1 januari 2020 al langer dan 12 maanden aaneen in dienst is dient dit aanbod voor 1 februari 2020 te ontvangen.

WW-premiedifferentiatie:
Arbeidsovereenkomsten met een vaste uren garantie worden vanaf 1 januari 2020 gestimuleerd door een lagere WW-premie. Voor arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde tijd bedraagt de WW-premie 2,94% en voor overige arbeidsovereenkomsten is dat 7,94%. Een belangrijke voorwaarde is dat de arbeidsovereenkomst schriftelijk dient te zijn vastgelegd. Ook al is een werknemer 30 jaar in dienst, dan nog dient u de schriftelijke arbeidsovereenkomst te kunnen overleggen. Mocht u deze niet meer in uw bezit hebben of misschien nooit opgesteld, neem dan contact met ons op zodat wij een en ander nog op papier kunnen zetten.

Voor jongeren tot en met 20 jaar die ten hoogste 52 uur per maand werken dient de lage WW-premie van 2,94% afgedragen te worden. Dit is ook zo voor BBL-overeenkomsten.

Indien u nu “oproepkrachten” in dienst heeft welke wekelijks werken en tevens veel uren maken, dan is het financieel gezien verstandig om deze een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd aan te bieden met een vaste uren garantie (per week, maand of jaar) om zodoende 5% minder WW-premie te betalen. De besparing kan per medewerker oplopen van enkele honderden naar wel duizend euro per jaar.

 

Overige fiscale maatregelen

  • In 2020 wordt het tweeschijvenstelsel in de inkomstenbelasting ingevoerd. Het tarief in de laagste schijf gaat naar 37,35%. Boven de € 68.507 wordt het 49,5%;
  • Voor AOW-ers komen er drie schijven, 19,45%, 37,35% en 49,5%;
  • Aftrekbare kosten en forfaits kunnen fasegewijs nog slechts tegen het laagste tarief afgetrokken worden. In 2020 gaat verrekening naar 46%;
  • De zelfstandigenaftrek van € 7.280 wordt met ingang van 2020 jaarlijks afgebouwd naar uiteindelijk € 5.000;
  • Het tarief van de vennootschapsbelasting voor de eerste € 200.000 wordt vanaf 2020 16,5%. Daarboven blijft het tarief 25%;
  • De vrije ruimte in de werkkostenregeling gaat voor de eerste € 400.000 aan loonsom naar 1,7%. Daarboven blijft het 1,2%. Hierdoor ontstaat een extra vrije ruimte van maximaal € 2.000;
  • Indien een aangifte inkomstenbelasting vóór 1 mei en een aangifte vennootschapsbelasting vóór 1 juni van het jaar na het belastingtijdvak wordt ingediend zal geen belastingrente in rekening worden gebracht op basis van het aangegeven belastbare bedrag.

Mocht u naar aanleiding van bovenstaande nog vragen of opmerkingen hebben dan kunt u contact opnemen met één van onze medewerkers.